Schuld en boete


Hebben robots rechten? Nee, zal je waarschijnlijk zeggen. Maar waarom eigenlijk niet? Stel je een robot voor die intelligent en sociaal is, bijna een mens (ik geef toe, daar moet nog wel wat voor gebeuren). Omdat hij (of moet ik zeggen ‘het’) soms in situaties verzeild raakt waarin mensen zijn veiligheid bedreigen, vraagt de robot om dezelfde bescherming van de politie en het rechtssysteem als mensen hebben. Is dat redelijk?

Ik denk van niet. Want rechten bestaan niet zonder plichten. Als iedereen rechten heeft maar niemand plichten, dan stellen die rechten in de praktijk niets voor. Maar plichten moeten afdwingbaar zijn. Als ik plichten heb, maar niemand kan mij eraan houden, dan zijn het geen echte plichten. Concreet: bij plichten horen straffen. En, om de gedachtenlijn af te maken, bij straffen hoort dat je daar onder lijdt. Boetes en gevangenisstraffen zijn effectief omdat we daar niet van houden en ze willen vermijden. Maar zou het een robot wat kunnen schelen? Vermoedelijk niet. Als een robot niet lijdt onder straf, dan kan hij geen plichten hebben. En dus ook geen rechten.

Waarschijnlijk zijn we het hier snel over eens. Maar nu wordt de vraag ingewikkelder. Hoe zit het met mensen die niet kunnen lijden? Een vraag die bij mij opkwam toen ik laatst hoorde dat jonge criminelen vaak weinig cortisol (stress hormoon) hebben, waardoor ze minder gevoelig zijn voor straf. Wat moet je hiermee? Hebben deze mensen dan nog rechten? Kan je ze dwingen om hun hormoonhuishouding aan te passen? En hoe zit het met het risico dat mensen bewust kiezen voor een laag niveau van cortisol, omdat ze daardoor minder lijden en dus eigenlijk gelukkiger zijn? Het reguleren van je hormoonhuishouding is niet heel bijzonder meer.

Het verschil tussen mens en robot is misschien minder groot dan het lijkt.